Muziekwetenschap, Kromme Nieuwegracht 29, 3512 HD Utrecht, telefoon (030) 253 63 00, fax (030) 253 61 67

Symposium

Bach Research in 2000 - Problems and Perspectives
Bachforschung im Jahre 2000 - Probleme und Perspektiven
Universiteit Utrecht, 12 - 14 september 2000
Organisatie: Albert Clement
Locatie: Oude Statenzaal, Achter Sint Pieter 200, Utrecht
Voertaal: Engels / Duits

Onderwerpen:

Programma:


Top


Motivatie `International Bach-Symposium Utrecht 2000'

Het Bach-Symposium sluit aan bij de volgende specifiek Nederlandse tradities:

Het bestaan van een instituut als De Nederlandse Bachvereniging. Deze in 1922 opgerichte vereniging heeft zich ontwikkeld tot een toonaangevende organisatie voor de vertolking van de muziek van J.S. Bach en heeft daarmee een niet meer weg te denken plaats in het Nederlandse culturele leven verworven. De vereniging heeft ertoe bijgedragen, het werk van Bach voor velen toegankelijk(er) te maken en zich ook in het buitenland een grote reputatie verworven.

De weergaloze populariteit van de Matthäus-Passion. De zeer grote betekenis van deze compositie voor de westerse cultuur lijkt in Nederland bij uitstek te worden onderkend: in geen ander Europees land - ook niet in Bachs geboorteland - is de Matthäus-Passion dermate in de traditie van het concertleven verankerd als in Nederland. Na de vroegere Amsterdamse traditie onder Willem Mengelberg heeft Charles de Wolff zich als dirigent met uitvoeringen verdienstelijk gemaakt. De toenemende belangstelling voor de muziekhistorische uitvoeringspraktijk heeft in de jaren tachtig vervolgens geleid tot een andere, op authentieke principes gebaseerde wijze van uitvoeren onder dirigenten als Gustav Leonhardt, Ton Koopman en Jos van Veldhoven. De uitvoeringen in Naarden, Utrecht en Aardenburg genieten internationale faam.

De bijzondere aandacht voor de orgelwerken van Bach in de Nederlandse maatschappij. Wereldwijd staat Nederland bekend als het orgelland: het rijke bezit van vermaarde historische orgels is uniek. Albert Schweitzer - van wie in 2000 de 125ste geboortedag wordt herdacht - heeft juist in Nederland vele orgelconcerten gegeven waarmee hij in belangrijke mate heeft bijgedragen tot de bekendheid van Bachs orgeloeuvre onder het grote publiek. Het is geen toeval dat niet minder dan vier Nederlandse organisten (Bram Beekman, Ewald Kooiman, Ton Koopman en Jacques van Oortmerssen) de laatste jaren het volledige orgeloeuvre van Bach op cd hebben vastgelegd, waarbij grotendeels gebruik is gemaakt van de Nederlandse orgelrijkdom. Opnieuw gaat het hierbij om producties van zeer hoog niveau.

Het vastleggen van Bachs cantates op geluidsdragers. Na het omvangrijke lp-project van Gustav Leonhardt en Nikolaus Harnoncourt, onder wier leiding Bachs cantates voor het eerst volgens historische principes werden vastgelegd, werkt Ton Koopman op dit moment aan de integrale opname van Bachs cantates op cd volgens de meest recente wetenschappelijke inzichten. Samenvattend kan worden vastgesteld dat Nederland internationaal een belangrijke rol speelt als het gaat om de uitvoering van Bachs muziek volgens historisch verantwoorde praktijken 1.

Naast de maatschappelijke component - het effect van concerten, toondragers, etc. dat voor grote groepen mensen direct merkbaar is - mag de wetenschappelijke component niet worden onderschat. Integendeel: een niet onbelangrijk deel van het wetenschappelijk onderzoek ligt direct aan de invloed van Bachs muziek op de maatschappij ten grondslag. Zoals hierboven aangegeven wordt in Utrecht wetenschappelijk onderzoek verricht waarbij Bachs composities centraal staan; daarnaast is aansluiting op aangrenzend onderzoek mogelijk (bijv. kunsthistorisch onderzoek naar o.a. Rembrandt; theologisch onderzoek naar kerkelijke stromingen in de 17de en 18de eeuw; musicologisch onderzoek naar het gebruik van muzikale constructie-principes, muzikale symbolen en van figuren uit de retorica - kenmerken van composities uit de Lage Landen in de vijftiende en zestiende eeuw, die Bach vervolgens van eerdere generaties overnam). Voorts neemt Nederland internationaal een aparte plaats in als het gaat om onderzoek naar de betekenis van het getal in de muziek van Bach. De vele publicaties die op dit gebied zijn verschenen, dragen voor het overgrote deel een zeer speculatief karakter. De grondlegger van het onderzoek op dit gebied wordt in de literatuur daarentegen nauwelijks vermeld. Het betreft een Nederlander: Henk Dieben. Hij ontdekte mathematische figuren in het werk van Bach, onder meer in Das wohltemperirte Clavier. Hierover schreef de bekende wiskundige naar wie het gelijknamige instituut van de Universiteit Utrecht is vernoemd, prof.dr. Hans Freudenthal, in Sol iustitiae, orgaan der Utrechtse universitaire gemeenschap (zesde jaargang, 19 mei 1951): "Het is absoluut onaannemelijk dat zulk een gecompliceerde mathematische constructie aan het toeval te danken zou zijn". Op dit moment wordt onder Utrechtse begeleiding een dissertatie over dit onderwerp voorbereid.

Top


Doelstellingen

De hoofddoelstelling van het beoogde symposium is, het in kaart brengen van de probleemstellingen en perspectieven waarmee het Bach-onderzoek anno 2000 zich geconfronteerd ziet. Binnen deze hoofddoelstelling worden twee hoofdaccenten gelegd, één op het thema "Bach en Nederland" en één op het thema "Theologisch Bach-onderzoek". Deze twee thema-groepen worden geflankeerd door een reeks vrije referaten, waarin een aantal actuele algemene ontwikkelingen binnen het huidige Bach- onderzoek ter sprake komt.
Een ruim aantal internationaal vermaarde geleerden neemt deel aan het symposium. Hun specialisaties omvatten de disciplines muziekwetenschap, muziekpraktijk, godgeleerdheid, wiskunde en kunstgeschiedenis.

Aandachtsgebieden die in de reeks vrije referaten aan bod komen zijn:

de status van de retorische figuren in het werk van Bach. De herontdekking van het belang van deze figuren omstreeks 1950 door Arnold Schmitz heeft een enorme wetenschappelijke output op dit gebied veroorzaakt, waarin thans diametrale stellingen aanwijsbaar zijn. Het is dan ook van belang, tot inzicht in de huidige stand van kennis te komen en na te gaan, waar de grenzen tussen `waarheid' en `fictie' liggen.

de gevolgen van wetenschappelijk onderzoek voor de uitvoeringspraktijk. Hoewel over de uitvoeringspraktijk van muziek uit de barok volgens historische principes inmiddels een behoorlijke hoeveelheid literatuur bestaat, zijn er relatief vrij weinig publicaties voorhanden waarin directe verbanden tussen specifieke compositorische constructie-principes van Bach en de consequenties voor de uitvoering van zijn muziek bestaan.

de perspectieven van nieuwe ontwikkelingen op het gebied van de communicatie - het World Wide Web - voor het Bach-onderzoek.

de opdrachten en uitdagingen waarvoor het filologisch Bach-onderzoek zich thans ziet gesteld. Na het toegankelijk maken van Bachs muziek via uitgaven door vroegere generaties is thans de Neue Bach-Ausgabe de meest gezaghebbende editie. Toch dwingen de voortgaande resultaten van onderzoek en de ontdekking van nieuwe handschriften constant tot bijstellingen. Het is, nu deze uitgave zijn voltooiing nadert, dan ook gewenst, de balans op te maken.

de zeer actuele problematiek van de aantasting van Bachs handschriften door inktvraat en de perspectieven om dit probleem het hoofd te bieden.

Binnen het themagebied Bach en Nederland liggen referaten met betrekking tot de volgende onderwer pen voor de hand:

de gebruikmaking van de muzikale retorica door Bach. Op grond van de actuele stand van het onderzoek is het wenselijk, de verbanden tussen het gebruik van retorische figuren door vroegere generaties en Bach opnieuw te belichten.

de betekenis van mathematische figuren en getallen in Bachs oeuvre. Ook dit fenomeen vormt een wezenskenmerk van Bachs muziek, dat voor een deel zijn basis vindt in het werken met getallen door vroegere componisten uit de Lage Landen.

de Bachreceptie in Nederland. Binnen dit kader valt, naast de uitwerking van Bachs muziek op Nederlandse componisten en op de maatschappij in het algemeen, zowel de fameuze 'Matthäus-Passion-traditie' onder Willem Mengelberg, als de opkomst van de 'tegenpool' van de romantische traditie: de zogeheten 'historische uitvoeringspraktijk', waarin Nederland internationaal een zeer belangrijke rol heeft gespeeld. Daarnaast is het werk van Bach aantoonbaar van invloed geweest op Nederlandse componisten, zoals Joh. Gijsbertus Bastiaans (1812-1875) en Gerard von Brucken Fock (1859-1935).

de betekenis van Amsterdam als Europees centrum van muziekdrukkunst in het begin van de achttiende eeuw en de betekenis daarvan voor het oeuvre van Bach. Gebleken is a.o. dat Bachs bewerkingen van Vivaldi's concerti met het culturele leven te Amsterdam samenhangen.

parallellen tussen de zeggingskracht van Bachs kunst en die van een andere grotere kunstenaar uit de barok: Rembrandt. Bij beide kunstenaars spelen bijbelse thema's een belangrijke rol; door beiden wordt soms van vergelijkbare compositorische principes (tekens en symbolen) gebruik gemaakt; een concrete vergelijking tussen deze twee geniale kuntenaars ontbreekt tot nu toe in de literatuur.

hedendaagse ontwikkelingen op het gebied van de historische uitvoeringpraktijk (in Nederland) en de wijze waarop musici gebruik maken van de resultaten van wetenschappelijk onderzoek.

Het theologisch Bach-onderzoek staat internationaal in het brandpunt van de belangstelling en dankt zijn bestaan aan zowel de door Bach gekozen teksten als de wijze waarop hij deze verklankte. In de inleiding (zie boven) werd reeds opgemerkt, dat dit thema tot op de dag van vandaag actueel is. Het ligt dan ook voor de hand, in het algemeen aandacht te besteden aan de huidige stand van kennis en probleemvelden op dit gebied, en daarnaast specifieke groepen composities nader te bestuderen. Deze composities kunnen worden onderverdeeld in vocale composities op Duitse en Latijnse tekst en in koraal-gebonden orgelcomposities.


Noten:
1) Zie Jolande van der Klis, Oude muziek in Nederland. Het verhaal van de pioniers 1900-1975 (Utrecht 1991)



Deze site is ontworpen en vervaardigd door Ing. D.J. van Driel, laatst gewijzigd 14 augustus 2000