Cornelia van der Veer (1639-17..)



Cornelia van der Veer werd op 30 augustus 1639 geboren uit Albert Pietersz. (die zich later Van der Veer noemde) en Cornelia Cornelis. Over het milieu waarin zij opgroeide, is weinig bekend, maar haar grote kennis van de Bijbel, de klassieken en de retorica doet vermoeden dat zij een goede scholing heeft gehad. In haar verzen riep zij op tot ijverige (zelf)studie en ze sloot deze altijd af met het veelzeggende motto "Ik tracht Veerder".
Uit haar werk blijkt dat zij goed op de hoogte was van de actualiteit (over de politieke situatie in de Republiek schreef ze o.m. vier pamfletten) en van cultuur: ze verwijst in haar werk naar humanistische auteurs als de Hollandse arts Van Beverwijck, maar ook naar de Franse filosoof Montaigne. De contemporaine Nederlandse literatuur boeide haar uitermate en zij had een direct contact met 'subtoppers' als Hendrik de Graef, Justus Hoflandt, Johan Blasius en Hendrik Waterloos.



Titelpagina van De Lauwerstryt, 1665

Ook was zij bevriend met dichteressen als de ook elders genoemde Questiers (met wie zij de bundel De lauwerstryt uitgaf) en, in een later stadium, Katharina Lescailje (Met en zonder lauerkrans, p. 354). De dichtwisseling tussen Lescailje en Van der Veer staat in Lescailjes Toneel- en Mengelpoezy, deel I, p. 343 v.v. Met en zonder lauwerkrans, p. 362)
Tussen 1662 en 1702 publiceert Van der Veer in verzamelbundels (met anderen), schrijft zij opdrachtgedichten en wisselt ze gedichten uit met zowel mannelijke als vrouwelijke auteurs. Daarna wordt het stil rond Van der Veer: een pamflet uit 1702 is het laatst opgetekende levensfeit van haar, haar sterfdatum is onbekend. Verzen ter gelegenheid van haar dood zijn evenmin te vinden; vermoedelijk is zij geleidelijk uit het literaire leven verdwenen. Haar meest productieve periode was 1662-1665: ze schrijft dan bijna de helft van haar gehele oeuvre (135 gedichten). Deze gedichten zijn te vinden in de Lauerstryt , die de basis vormde voor het onderzoek naar een mogelijk literair netwerk tussen Van der Veer en anderen. Daarnaast is Van der Veers contact met Lescailje (1674) er (zijdelings) bij betrokken.