Kennis Letteren en Maatschappij

2002-2003, blok 4, groep Quené


Nieuws | Praktisch | Toetsing | Draaiboek | Wat nu?


Nieuws

  1. [2003.05.25] Voor de groepen Q8, Q9, Q10 en Q11 zijn de te vertalen tekstfragmenten aangepast!
  2. [2003.05.19] Eerder vandaag heb ik het volgende bericht geplaatst op het WebCT prikbord van deze cursus.
    beste studenten,
    Hieronder de aangekondigde indeling van subgroepjes, voor de groep-Quené (maandag-donderdag). Leg zelf tijdig contact met je groepsgenoten, al dan niet via WebCT. Komt je naam ten onrechte niet voor in onderstaande lijsten? Stuur me dan een e-mail!
    Met groet,
       Hugo
    --

    q.01: Hienke Alberts 0162884, Selma Ankersmit 0209724, Hester Bakhuijzen 0128589, Roos Belder 0128597

    q.02: Meike van Benten 0011509, suzanne Bergh 0154970, Anya Boelhouwer 0113077, Caroline de Boer 0056855

    q.03: Jeroen Bos 0167177, Angela Brederije 0011568, Maartje ten Brummelaar 0135984, E.C. van den Bosch 0057479

    q.04: Esther Dieltjes 0113220, Marieke van Bueren 0128600, Suzanne Cornelissen 0113182, Annelène Damen 0113190

    q.05: Lieve Elshout 0218626, Natasja van Esdonk 0140864, Misja Fuit 0030600, Berber Hagedoorn 0113360

    q.06: Maike Hellings 0113395, Marije Heurter 0113425, Wendy Hoenkamp 0113441, Martine van 't Hoff 0040401

    q.07: Margriet Jansen 0066370, Jacco Hupkens 9919295, Lotte Kips 0011886, Eelkje van Lambalgen 0113565

    q.08: Renate Leder 0113573, Lieneke Nijkamp 0167762, Claudia Pasman 0132683, Barbara Oudejans 0155845

    q.09: jurriaan Reinders 0131229, Anne Renner 0113727, Saskia Rietdijk 0136050, Julia Roeselers

    q.10: M. van Schalm 0166790, Lennie van Scheppingen 0113794, Daniele van der Spek 0155861, Marielle van Velzen 9938419

    q.11: Liesbeth Vijfvinkel 0113964, Rosemarie Vrolijk 0142158, Rogier Vuijk 0012335, Minke Zwarts 0114073, Cathelijn Kuis 0263125

  3. [2003.04.24] Raadpleeg deze web-pagina regelmatig, zeker voorafgaand aan iedere bijeenkomst.

Praktische informatie

Docent

Deze cursus wordt aangeboden in 2 parallelle groepen. De informatie in deze pagina heeft alleen betrekking op de groep met docent Hugo Quené, met bijeenkomsten op maandag en donderdag.
Contact-coördinaten van de docent:
e-mail: hugo.quene@let.uu.nl (let op: in het Subject-veld moet je vermelden KLM <naam> <studentnr>)
adres: Trans 10, kamer 1.32.

Leesstof

Rooster

cursusjaar 2002-2003, blok 4, groep Quené
maandag10:00-13:00Achter Den Dom, 0.02
donderdag10:00-13:00Trans 10, 0.17

Toetsing

De toetsing voor deze cursus geschiedt via de opdrachten, actieve aanwezigheid op college en twee toetsen. Op 3 juni is de eerste toets, op 24 juni de tweede. De tweede toets betreft de volledige stof van de cursus, met de nadruk op die van de tweede helft sinds college 7.

Opdrachten

Studenten dienen vooraf aan iedere college-bijeenkomst een opdracht te maken. Zulks met uitzondering van college 1 (de inleiding). Het antwoord op de opdracht moet om middernacht voor aanvang van het college electronisch ingeleverd zijn, via dit web-formulier. Je kunt je antwoord direct in het formulier intikken, of eerst in je favoriete tekstverwerker schrijven (en bewaren!) en dan plakken in het juiste veld van het formulier. De opdrachten worden globaal beoordeeld, dat wil zeggen, ik kijk vooral of ze intelligent en met voldoende zorg en inzet zijn gemaakt. Dus zonder spelfouten! De terugmelding vindt plaats tijdens het college. Als je toch met vragen over de opdracht blijft zitten, stel ze dan tijdens college aan de orde. De opdrachten worden individueel gemaakt. Eén keer krijgt de groep waarbij jij bent ingedeeld echter een groepsopdracht. Het betreft hier de vertaling en voordracht van een deel van de Three Conversations van Rosenberg, in de colleges 8, 9 en 10. De meeste studenten maken ook bij deze colleges een individuele opdracht. Maar per college worden er enkele groepen aangewezen die een vertalings-en-opvoerings-opdracht uitvoeren. (De groepsindeling hiervoor wordt nog bekendgemaakt).
Een groep moet de hen toegewezen passage (van enkele pagina's) geheel vertalen. De vertaling dient vooraf electronisch ingeleverd te worden via dit web-formulier, door de "primus" van de groep, onder duidelijke vermelding van de mede-groepsleden. Tijdens college zullen de groepen hun eigen vertaling als een soort toneelstukje voordragen, waarna plenaire discussie volgt over de onderwerpen uit de conversatie.

Cijfers

Wie op voldoende wijze een opdracht maakt en actief deelneemt aan het college, krijgt als oordeel 'voldaan'. In cijfers is dat: 2 punten voor de opdracht en 1 voor actieve deelname, totaal maximaal 3. Men kan dus voor de 11 opdrachten maximaal 33 punten krijgen.
Voor de toetsen krijgt men cijfers tussen 0 en 10, maar die worden vermenigvuldigd met 3, respectievelijk 3.7 (dit levert maximaal 30+37=67 punten op).
Het eindtotaal (maximaal 100) wordt door 10 gedeeld.

Herkansing?

Studenten behalen een voldoende als het eindtotaal van de cursuspunten 55 of meer is. Ze verwerven het recht om deel te nemen aan het hertentamen als ze minimaal 50 cursuspunten hebben behaald.

terug naar begin


Draaiboek

maandag 21 april: geen college

Pasen

(1) donderdag 24 april: college 1

Inleiding. Kennis, Letteren, Maatschappij. Historisch overzicht.

Lezen: Pollmann, Hoofdstuk 1.

Verwijzingen:

maandag 28 april: geen college

donderdag 1 mei: geen college

maandag 5 mei: geen college

Bevrijdingsdag.

(2) donderdag 8 mei: college 2

Soorten kennis.

Lezen: Pollmann, Hoofdstuk 2.

Verwijzingen:
Opdracht 1:
Pseudo-wetenschappen zijn er in veel soorten. Sommige zijn tamelijk onschuldig, zoals bij voorbeeld de theorieën over "graancirkels". Andere, zoals de "astrologie", zijn zeer wijdverbreid, maar ook die worden door veel mensen enigszins lacherig bejegend.
Maar kijk je rond bij de webstek van SIMPOS, Stichting Informatie over Maatschappelijke Problemen rond Occulte Stromingen, dan zie je dat zulke theorieën vaak onderdeel zijn van complexe stromingen die wel maatschappelijk "verdacht" zijn. Het ene geloof brengt het andere met zich mee.
Zo is er onlangs door een secte geclaimd dat ze als eersten een mens gekloond hebben.
Bekijk wat er bij SIMPOS over die Raëlianen staat (maak een selectie) en probeer te bepalen welke irrationele aspecten de stroming heeft — en welke rationele. Probeer tot een waardeoordeel te komen over wat je hebt gevonden.
Hier volgen nog enkele relevante verwijzingen, naar hun eigen webstek, en naar een kritisch artikel van Marcel Hulspas, Genetisch paradijs: De Raëlianen willen u klonen.

Het antwoord op deze opdracht moet om middernacht voor aanvang van het college electronisch ingeleverd zijn, via dit web-formulier. Je kunt je antwoord direct in het formulier intikken, of eerst in je favoriete tekstverwerker schrijven (en bewaren!) en dan plakken in het juiste veld van het formulier. Deze toelichtende alinea zal verder ontbreken bij volgende opdrachten.

(3) maandag 12 mei: college 3

De taal van de wetenschap. Woorden en beelden.

Lezen: Pollmann, Hoofdstuk 3, met uitzondering van §3.3.

Kijken: Opération Lune, door William Karel.

Opdracht 2:
De opgave van deze keer heeft betrekking op de mogelijkheden van "beelden" om kennis over te dragen. "Taal is het voertuig van de wetenschap", zegt het cursusboek parmantig. Maar wat is dan eigenlijk de rol van de visuele elementen in wetenschappelijke publicaties?
Neem De Volkskrant van afgelopen zaterdag. Stel vast welke afbeelding op de voorpagina het meest prominent is en analyseer wat ze 'vertelt' en hoe ze zich verhoudt tot het onderschrift of de tekst.
Neem een populair-wetenschappelijk tijdschrift, zoals Spiegel Historiael, Literatuur (in LB) of Psychologie Magazine, Scientific American, Natuur en techniek (alle drie in de Leeszaal van de AB: achter de trap rechtsaf). LET OP: Kies geen kunsthistorisch of film-, theater- of televisie-tijdschrift. Daar zijn de illustraties "bron". Bespreek enkele visuele elementen (schema's, grafieken, tabellen, plaatjes, maar geen lay-out-elementen). Probeer van ieder element vast te stellen wat eigenlijk de functie ervan is in het betoog. Bepaal een standpunt ten opzichte van de mening dat de visuele elementen er eigenlijk alleen maar zijn voor de versiering, en geen wezenlijke bijdrage aan de kennisoverdracht leveren. Zou het artikel ook zonder kunnen?

Lever je antwoorden uiterlijk middernacht voor het college in, via dit formulier.

(4, 5) donderdag 15 mei: college 4 en 5.

Redeneren: inductie en deductie. Fundamentisme.

Waarnemen.

Lezen: Pollmann, Hoofdstuk 3, §3.3, en Hoofdstuk 4 geheel.

Kijken: Forensic Detectives, over DMSO4, van Discovery Channel; deze foto; Change Blindness.

Opdracht 3:
  1. Wat is inductie? Waarom is het een belangrijk redeneerprincipe voor de wetenschap?
  2. Wat is (volgens Hume) 'het probleem van inductie'?
  3. Wat is deductie?
  4. Wat is het cruciale verschil tussen inductie en deductie?
  5. Wat wordt er bedoeld met de hypothetisch-deductieve benaderingswijze?
Lever je antwoorden uiterlijk middernacht voor het college in, via dit formulier.


Opdracht 4:
Kies een primaire wetenschappelijke publicatie uit jouw discipline/specialisatie. Geef een voorbeeld van een primair gegeven uit die publicatie. (Als het goed is, is dat een stukje van de waarneembare werkelijkheid.) Heeft de auteur dit gegeven zelf waargenomen, of is het ontleend aan een andere publicatie? Is het gegeven geformaliseerd? Statistisch verwerkbaar?
Kan je het gegeven de vorm geven van een protocolzin?
Zou jij hetzelfde hebben waargenomen als de auteur? Waarom wel of niet? Is het gegeven theoretisch geladen?
Wat vind je van de rol die dit soort gegevens spelen in jouw discipline/specialisatie?

Lever je antwoorden uiterlijk middernacht voor het college in, via dit formulier.

(6) maandag 19 mei: college 6

Interpreteren, verklaren, begrijpen.

Lezen: Pollmann, Hoofdstuk 5.

Kijken: video over hermeneutiek, advertentie voor Silk Cut sigaretten, panorama van de Annapurna (een bergketen) in Nepal.

Opdracht 5:
  1. Wat is het verschil tussen oorzaken en redenen? (Leg uit aan de hand van een simpele situatie).
  2. Bespreek het belang van causale verklaringen in jouw discipline/specialisatie (welke is dat?). Spelen redenen een rol in het onderwerp van jouw discipline/specialisatie, of draait het er alleen om oorzaken en gevolgen? Hoe vind je dit terug in de literatuur (artikelen en boeken) van jouw discipline/specialisatie?
  3. Geef commentaar: welke soort verklaringen moeten volgens jou centraal staan (in jouw discipline/specialisatie) en waarom?
Lever je antwoorden uiterlijk middernacht voor het college in, via dit formulier.

(7) donderdag 22 mei: college 7

Coherentie en coherentisme.

Lezen: Pollmann, Hoofdstuk 6.

Opdracht 6:
  1. Hoe denkt coherentisme de waarheid van onze opvattingen (beliefs) te garanderen?
  2. Is jouw discipline/specialisatie (welke is dat?) vooral fundamentistisch of coherentistisch opgezet? En waarom, denk je?
  3. Noem een discipline/specialisatie die fundamentistisch opgezet is (of zou moeten zijn).
Lever je antwoorden uiterlijk middernacht voor het college in, via dit formulier.

(8) maandag 26 mei: college 8

Skepticisme.

Lezen: Rosenberg, First Conversation.

Kijken: fragment uit The Matrix (1999).

Opdracht 7 individueel:
voor de studenten die niet in een van de onderstaande groepjes zitten:
  1. Leg uit wat de scepticus (Skip) inbrengt tegen iemands idee iets te kunnen weten.
  2. Tegen wat voor soort kennis maakt de scepticus vooral bezwaar? Geef twee voorbeelden.
  3. Hoe precies werkt het 'brain in a vat'-argument (dat Skip introduceert als moderne variant op Descartes' scepticisme)?
  4. Welke problemen die in de vorige bijeenkomsten aan de orde zijn geweest, heb je nog niet goed begrepen? Noem alleen de vier belangrijkste en doe een suggestie over hoe je vermoedt dat ze begrepen moeten worden.
  5. Geef er discussiestellingen over die we op de bijeenkomst plenair kunnen bespreken.
Opdracht 7 groepswerk:
zie uitleg hierboven onder toetsing. De primus moet jullie vertalingen inleveren uiterlijk middernacht voor het college, via dit formulier.

donderdag 29 juni: geen college

Hemelvaartsdag

dinsdag 3 juni: eerste toets

19:00-21:30u, Uithof, Educatorium, zaal Alfa. Deze toets zal bestaan uit een selectie uit deze lijst van vragen.

(9) donderdag 5 juni: college 9

Wanneer weten we iets?

Lezen: Rosenberg, Second Conversation.

Opdracht 8 individueel:
voor de studenten die niet in een van de onderstaande groepjes zitten:
  1. Jij weet toch zeker waar je je fiets hebt geparkeerd? Maar weet je even zeker waar hij nu staat? Wat is het verschil tussen deze twee soorten weten?
  2. Volgens Skip (de skepticus, weet je nog?) sluit kennis iedere mogelijkheid van onzekerheid uit. Ben je het daarmee eens? Leg uit.
  3. Is jouw positie externalistisch of eerder internalistisch?
Opdracht 8 groepswerk:
zie uitleg hierboven onder toetsing. De primus moet jullie vertalingen inleveren uiterlijk middernacht voor het college, via dit formulier.

maandag 9 juni: geen college

Pinksteren

(10) donderdag 12 juni: college 10

Rechtvaardiging van kennis.

Lezen: Rosenberg, Third Conversation.

Kijken: tv-reclamespotje voor vlees-keurmerk, "effe checken", via TROS Radar (kies daar voor: Loden Leeuw > Uitslag Loden Leeuw 2002 > Vlees keurmerk).

Opdracht 9 individueel:
voor de studenten die niet in een van de onderstaande groepjes zitten:
  1. Deze conversatie gaat over de coherentie van iets wat je weet met andere dingen die je weet. Vind je dat coherentie voldoende garantie voor de waarheid van kennis kan zijn? Onderbouw je antwoord goed.
  2. Op p. 44 bovenaan beschrijft Skip de positie die bekend staat als fenomenalisme, de opvatting dat onze waarnemingen niet meer zijn dan gewaarwordingen in de waarnemer, en dat men er dus geen realisme over de werkelijkheid op kan baseren. Deze opvatting staat centraal in de sense-data theorie van het logisch positivisme. Leg uit hoe men kan verdedigen dat alle zekerheid op dergelijke gewaarwordingen gebaseerd is en ook moet zijn.
  3. Denk je dat je uit dergelijke simpele gewaarwordingen complexe theorieën kunt afleiden? Betoog je antwoord.
Opdracht 9 groepswerk:
zie uitleg hierboven onder toetsing. De primus moet jullie vertalingen inleveren uiterlijk middernacht voor het college, via dit formulier.

(11) maandag 16 juni: college 11

Groei van kennis, relativisme; Popper, fallibilisme; Kuhn, wetenschappelijke omwentelingen, incommensurabiliteit.

Lezen: Pollmann, Hoofdstuk 7.

Opdrachten 10:
  1. Wat is de functie van het demarcatiecriterium? Waarom heeft men het steeds over één demarcatiecriterium?
  2. Wat is verificatie?
  3. Wat is falsificatie?
  4. Met welke argumenten betoogt Popper dat we falsificatie moeten prefereren boven verificatie?
Lever je antwoorden uiterlijk middernacht voor het college in, via dit formulier.

(12) donderdag 19 juni: college 12

Maatschappelijke relevantie van Letteren.

Lezen: Pollmann, Hoofdstuk 8.

Opdracht 11:
  1. Noem een maatschappelijk probleem waar een of meer Letterendisciplines/specialisaties een bijdrage aan zou moeten (kunnen) leveren. Gebeurt dat ook, of waarom gebeurt het niet, denk je? Geef enkele voorbeelden van dergelijke bijdragen.
  2. Leg van een typisch voorbeeld uit hoe zo'n bijdrage effect zou moeten sorteren in de maatschappelijke arena, die immers heel anders in elkaar zit dan het wetenschappelijk bedrijf met zijn waarheidsproblemen...? Welke maatschappelijke fenomenen beïnvloeden het gewenste effect? Leg het verschil uit tussen de technische en de culturele rol van de Letteren.
  3. Welke problemen die in de vorige bijeenkomsten aan de orde zijn geweest, heb je nog niet goed begrepen? Noem alleen de vier belangrijkste en doe een suggestie over hoe je vermoedt dat ze begrepen moeten worden.
Lever je antwoorden uiterlijk middernacht voor het college in, via dit formulier.

dinsdag 24 juni: tweede toets

19:00-21:30u, Uithof, Educatorium, zaal Alfa. Deze toets zal bestaan uit een selectie uit deze lijst van vragen.

Terug naar het begin



2003.06.14 HQ, RvG