De toren van Babel


september/oktober 2001


Cursusinhoud | Onderwijsvorm/toetsing | Draaiboek | Achtergrondlectuur | Deelnemers

Praktische informatie

Docent

Michael Moortgat
Trans 10, kamer 2.10
e-mail Michael.Moortgat@let.uu.nl,
http://www.let.uu.nl/~ctl/docenten/moortgat.html
Spreekuur: donderdag 11.00-12.30

Reader

De toren van Babel, cursuscode 200100269

Cursuspagina jaargang 2000

Aanvullend materiaal is te vinden op Hugo Quené's cursuspagina.

Rooster

cursusjaar 2001/2002, blok 1
maandag11.00-13.00KNG80 1.02
woensdag11.00-13.00KNG80 0.06

Cursusinhoud

Deze cursus biedt een oriëntatie op de taalkundige variant van Taal- en Cultuurstudies/Algemene Letteren. We besteden aandacht aan de grote verscheidenheid aan talen die in de wereld gesproken worden en aan de uniforme bouwprincipes die aan deze verscheidenheid ten grondslag liggen.

In het eerste deel van de cursus bekijken we de enorme variatie aan talen. In welke opzichten verschillen die talen eigenlijk van elkaar? We kijken naar verschillen in klanken, woordstructuur, zinsbouw en betekenis. Welke typen talen worden onderscheiden? Waarom zijn er zoveel verschillende talen? Hoe ontstaan nieuwe talen, en waarom verdwijnen er nu zoveel talen? Ook kijken we naar de variatie binnen een taal, bijvoorbeeld tussen spreektaal en schrijftaal, of tussen plat en beschaafd praten.

In het tweede deel vragen we ons af welke algemene bouwprincipes er aan de variatie ten grondslag liggen. In termen van deze uniforme bouwprincipes proberen we een inzicht te verwerven in structuur en werking van het menselijk taalvermogen --- het vermogen dat een kind in staat stelt om spontaan een 'moedertaal' te verwerven. We bekijken de verschillen tussen die spontane eerste taalverwerving, en het latere leren van een vreemde taal.

Tenslotte belichten we de thematiek van verscheidenheid en uniformiteit aan de hand van de positie van taal in de multilinguale informatiemaatschappij. Wat is het effect van de technologie op de taaldiversiteit? Welke hulpmiddelen heeft een taal nodig om te overleven in cyberspace?

Onderwijsvorm en toetsing

De cursus heeft twee componenten: de hoorcolleges en de werkvormen. Bij elk onderdeel van het hoorcollege hoort een stel lees- en werkopdrachten. Er zijn huiswerkopdrachten en computeropdrachten, op basis van de Reader en aanvullend materiaal op het internet. Huiswerkopdrachten maak je in je eigen tijd. Voor de computeropdrachten is de leerzaal CLZ 1.13 op KNG 80 speciaal voor AL studenten gereserveerd. Je kan natuurlijk ook verder werken aan de computeropdrachten in je eigen tijd in de publieke computerleerzalen.

Toetsing gebeurt op basis van het eindverslag dat je aan het eind van het blok inlevert. Dat verslag bestaat uit de cumulatieve uitwerking van de opdrachten die tijdens het college zijn verstrekt. Voor de groepsopdracht 'Bedreigde Talen' volstaat een link naar je groepsverslag.

Het eindverslag moet electronisch worden ingeleverd. Gebruik bij voorkeur html formaat (in Sessie 3 lees je hoe je je eigen webpagina kan aanvragen en gebruiken). Een tekstdocument, met actieve links erin naar de webinformatie die je gebruikt, is een alternatief.

De deadline voor inlevering is 26 oktober.

Terug naar het begin

Draaiboek

Sessie 1 (3/9).

Inleiding, overzicht.

Sessie 2 (5/9).

Typologie, classificatie van talen, basisterminologie.

Sessie 3 (10/9).

Let op! Het programma voor deze dag is gewijzigd t.o.v. wat we woensdag hebben afgesproken (de bibliotheekintro van 9.00 bleek dubbel geboekt).

Hieronder enkele nuttige links voor het electronisch beschikbaar maken van je eindnota, en van jullie bijdrage aan het Bedreigde Talen Debat:

Sessie 4 (12/9).

Diversiteit (I) Taalverandering, genetische verwantschap.

Sessie 5 (17/9).

Diversiteit (II) Talen in contact, pidgins, creolentalen.

Sessie 6 (19/9).

Debat: bedreigde talen.

Voor de opdracht bij deze sessie ben je ingedeeld in een groep (5 studenten). Elke groep adopteert een bedreigde taal. Over die taal schrijven jullie als groepje een kort essay van maximaal 5 pagina's. In het essay geef je een portret van de taal aan de hand van wat we in de vorige sessies hebben behandeld (tot welke taalfamilie behoort de taal, wat zijn de typologische eigenschappen, hoeveel sprekers zijn er, waarom is de taal bedreigd, worden er stappen ondernomen om het tij te keren, of is het daarvoor te laat, etc). Vervolgens neem je stelling in het debat: wat zijn goede/slechte redenen om je druk te maken over het verdwijnen van talen, welke instrumenten kunnen ingezet worden om taaldiversiteit te behouden, als dat wenselijk is.

Hieronder de geadopteerde talen, en het materiaal van jullie presentaties: Extra spreekuur: dinsdag 18/9 (11.00-12.00 en 15.00-16.00).

Sessie 7 (24/9).

Uniformiteit (I).

'The Science of Patterns': zo noemt Keith Devlin de wiskunde in zijn bekende Scientific American boek. De talen die we gebruiken om van gedachten te wisselen zijn systemen om door middel van concrete vorm patronen (zoals geluid, gebaren, schrift) betekenis over te dragen. In het eerste deel van het college heb je een idee gekregen van de grote diversiteit die er bestaat tussen de duizenden talen die wereldwijd gebruikt worden. Toch hebben kinderen geen enkel probleem om welke taal dan ook te leren, als 'moedertaal'. Dit in tegenstelling tot de volwassene die zich moeizaam, en met wisselend succes, de spelregels van een 'vreemde' taal probeert eigen te maken.

In dit deel van het college proberen we zicht te krijgen op de universele bouwprincipes die aan de verschillende talen ten grondslag liggen. Kan de wiskunde, als 'science of patterns', ons iets leren over het cognitieve vermogen dat ons in staat stelt met taalpatronen om te gaan? Hoe zit ons talige rekensysteem in elkaar?

Sessie 8 (26/9).

Uniformiteit (II). Vervolg van de vorige sessie: syntaxis en semantiek. Opdracht. Voor de afsluitende opdracht bij dit onderdeel ben je opnieuw in een groepje ingedeeld. De opdracht bestaat eruit dat je het lexicon van type-toekenningen die we in het college hebben besproken, uitbreidt met typen voor ontkenning, ja/nee vragen, en vraagwoord vragen. Hieronder de voorbeelden die je wil afleiden.

Naast de basistypen s (zin), np (naam) en n (zelfstandig naamwoord) mag je gebruik maken van inf (infinitief, 'dream', 'steal the tarts', ...), q (ja/nee vraag, 'Does Alice snore?', ...) en wh (vraagwoord vraag: 'Who snores?', ...). Je kan je oplossingen on-line uitproberen! Kijk naar het voorbeeldfragment en de bijhorende e-mail.

Neem, na de bespreking van deze opdracht in het hoorcollege, je uiteindelijke type-lexicon op in je individuele eindverslag, en voeg er een bondige toelichting aan toe. (1 p)

Sessie 9 (1/10).

Talen digitaal (I). We bekijken twee applicaties: Leesmateriaal en huiswerk voor deze sessie:

Sessie 10 (3/10).

Talen digitaal (II). Electronische infrastructuur voor taal op het internet.

Terug naar het begin

Achtergrondlectuur

Hieronder nog enkele bronnen waaruit ik geput heb voor de hoorcolleges.

Terug naar het begin

Deelnemers

De welhaast volledige lijst met e-mail adressen.

Terug naar het begin