Vakgroep Linguïstiek, Trans 10, 3512 JK Utrecht, telefoon 030-2536265, fax 030-2536000

De intonatiepatronen van het Nederlands en het Engels verwisseld

Margreeth van Dorssen

eindwerkstuk cursus TEKST-NAAR- SPRAAK-SYSTEMEN 1997-98

Inleiding

De laatste opdracht voor het vak ‘Van Tekst naar Spraak’ is gemaakt met behulp van het spraaksynthese-programma MBROLA, Gipos en Internet. Met MBROLA werden er twee zinnen gemaakt, een Nederlandse zin en een Engelse. Over deze twee zinnen werd een passend intonatiepatroon gelegd. Vervolgens werden de intonatiepatronen aangepast zodat het Engelse patroon over de Nederlandse zin gelegd werd, en het Nederlandse patroon over de Engelse zin. Op de manier ontstonden van elke zin twee realisaties: één met een 'binnenlands' en één met een 'buitenlands' intnatiepatroon. De twee zinnen zijn niet met elkaar vergelijkbaar, maar dienen beide als aparte voorbeelden.

OVER DE DUURAANPASSING: De duren van de segmenten van MBROLA zijn op het gehoor aangepast en met behulp van een aantal duurregels.
De duur van een spraakklank hangt af van de onmiddellijke omgeving, bijv:

  1. Klinkers voor plofklanken duren korter dan klinkers voor wrijfklanken; klinkers voor wrijfklanken duren korter dan klinkers voor nasalen. Dit effect is het grootse bij de korte klinkers.
  2. Consonanten duren langer na een korte klinker dan na een lange klinker.
  3. de klemtoon van het woord
  4. wel of geen accent
  5. de spreeksnelheid
  6. de plaats in de zin, bijv.:de laatste syllabe wordt verdubbeld in duur, en ook voor een pauze of prosodische grens wordt de duur vergroot.

OVER DE INTONATIEPATRONEN: Om een passende intonatie te vinden voor de zinnen is gebruik gemaakt van de intonatiegrammatica voor het Engels en het Nederlands. De Engelse en Nederlandse intonatiegrammatica’s hebben overeenkomsten en verschillen. Ze hebben gemeen dat ze beide gestyleerde patronen zijn van de toonhoogtebewegingen in spontane spraak. Bovendien kunnen sommige patronen wel, en anderen niet met elkaar gecombineerd worden. Ongrammaticale opeenvolging van intonatiepatronen, klinken in de oren van de moedertaal-luisteraar onnatuurlijk.

In beide talen komt het verschijnsel van declinatie voor. Uit het practicum van Tekst naar Spraak blijkt dat declinatie niet noodzakelijk is, als de zin maar met een finale daling eindigt.

Het grootste verschil tussen de Nederlandse en de Engelse intonatiegrammatica’'s is het verschil in nnivo's. De Nederlandse toonhoogtebewegingen gaan op en neer tussen twee nivo’'s. Het stijgt van een laag naar een hoog nivo, of het daalt van een hoog naar een laag nivo. Twee keer stijgen, van een laag nivo naar een hoog nivo, en vervolgens weer stijgen naar een nog hoger nivo, is in de Nederlandse intonatiegrammatica niet toegestaan. In de Engelse intonatie is er echter sprake van drie nivo’s. Daarbij is het wel toegestaan om een stijging te laten volgen door nog een stijging. De toonhoogtebewgingen zijn in het Engels steiler, en duren langer dan in het Nederlands, bovendien beslaan ze een groter toonhoogtebereik. Een ander verschil tussen de intonatiegammatica’s van de twee talen is het aantal gestandaardizeerde toonhoogtebewgingen: in het Nederlands zijn dat er 10, in het Engels er 16.

METHODE

Het maken van de zinnen ging als volgt:
Voor de Nederlandse zin is de difoonset gebruikt die ook tijdens het practicum van het vak ‘van Tekst naar Spraak’ werd gebruikt. De zin was volledig willekeurig gekozen.

‘De koningin eet graag Hollandse nieuwe, maar ze draagt nooit klompen’ d@ konINIn et GraG hOLAnts@ niw@ maR z@ draGt nOIt klOmp@n

Voor de Engelse zin is een zin uit J. R. de Pijper (1983) gebruikt, waar een intonatiepatroon boven getekend was. Zo was het zeker dat er niet alleen een grammaticaal toegestaan intonatiepatroon over de zin heen gelegd zou worden, maar ook dat die bepaalde contour zou passen bij de zin. De difoonset en het MBROLA programma die nodig zijn voor het maken van een Engelse zin, zijn van Internet gehaald. De karakters voor de fonemen van de Engelse zin, zijn uit die Engelse difoonset gehaald:

‘The others were satisfied, but I didn’t like it’ Ti: VD3:z w3: s{tIzfaId bVt aI dId@nt laIk it

DUURAANPASSING
Het toekennen van de duren ging met behulp van regels en op het gehoor. Bij de Nederlandse zin werd eerst onderscheid gemaakt tussen lange en korte klinkers en medeklinkers. De schwa werd extra in duur verkort. De lettergreep die binnen een woord klemtoon droeg, werd enigszins verlengt, maar belangrijker bleek het om de geaccentueerde lettergreep, en daarbij voornamelijk de klinker, te verlengen.

Bij het toekennen van de duren van de Engelse zin zijn in eerste instantie dezelfde criteria gebruikt, maar dat bleek al snel niet afdoende te zijn. Geaccentueerde klinkers, zoals in ‘satisfied’ en ‘I’, moesten in vergelijking tot het Nederlands extreem verlengt worden. Ook de finale /d/ in ‘satisfied’ heeft een veel langere duur gekregen dan wat het in eerste instantie was toegekend op basis van de Nederlandse duurregels. De duur moest verlengt worden omdat de /d/ in het Engels daadwerkelijk als een ‘d’ uitgesproken wordt, het een geaccentueerde lettergreep is, en omdat er een adempauze op volgt. De duur van de /d/ uiteindelijk wel 150ms en leidde tot de herkenning: ‘dit is inderdaad veel Engelser’.

INTONATIECONTOUREN
De te accentueren lettergrepen werden niet alleen met een langere duur benadrukt maar ook door middel van de intonatie. Voor de intonatie van de Nederlandse zin zijn de twee nivo’s aangehouden. De toonhoogtebewgingen hadden een bereik van 100-120Hz en een finale daling naar 70Hz. Om de gemaakte intonatiecontour te vergelijken met de toonhoogte bewegingen in spontane spraak, is door aan aantal studenten de Nederlandse zin ingesproken. Daarna kon met behulp van Gypos het toonhoogtepatroon bekeken worden.

Voor de intonatie van de Engelse zin zijn drie nivo’s aangehouden; de toonhoogte beweegt tussen de 70-100- 140Hz, een veel groter bereik dan bij de Nederlandse intonatie dus. Over het algemeen klonken zinnen die met gestandaardiseerde intonatiecontouren, niet zo natuurlijk als beweerd wordt dat ze zouden moeten klinken. Vaak werd het patroon op het gehoor in zulke grote mate aangepast dat er uiteindelijk geen standaard toonhoogtepatronen meer in terug te vinden waren. Bij de Engelse en Nederlandse zinnen is er niet meer variatie in de toonhoogte gebracht dan noodzakelijk was om de standaard intonatiecontouren te maken. Vervolgens zijn de intonatie contouren van de twee zinnen vervolgens in grote lijnen verwisseld. De contouren waren natuurlijk niet rechtstreeks te kopiëren, omdat de zinnen op alle fronten verschillen: de lengte, de betekenis en de te accentueren woorden. Toch is er een poging gedaan om soortgelijke intonatiecontouren over de zinnen heen te leggen.

RESULATEN

Van de vier zinnen is de Engelse zin met Engelse intonatie door medestudenten en mijzelf als de beste beoordeeld. Bij deze zin klonken de concatenatie van de fonemen en de bijbehorende intonatiecontour het meest natuurlijk. Misschien heeft dat te maken dat Nederlandstalige luisteraars minder kritisch (kunnen) zijn over de kwaliteit van Engelse zinnen, omdat ze die taal minder goed beheersen.

Het Nederlandse intonatiepatroon van de Nederlandse zin is erg vaak aangepast omdat het resultaat steeds niet goed genoeg leek. De mogelijke intonatiepatronen die perceptief toegestaan zijn is erg groot, maar de beste intonatiecontour is nog niet gevonden. De Engelse zin met Nederlandse intonatie klonk, zeker in vergelijking met de Engelse zin met de Engelse intonatie, niet normaal. Medestudenten hadden met de zin met de verkeerde intonatie moeite met het verstaan van de zin. De Nederlandse zin met Engelse intonatie klonk duidelijk onnatuurlijk in de oren, maar het was wel te verstaan.

CONCLUSIE

De zinnen met een intonatiecontour die grammaticaal is toegestaan voor die bepaalde taal, zijn goed te verstaan, en klinken de zinnen redelijk natuurlijk. Als er over een Engelse en Nederlandse zin een intonatiecontour gelegd wordt die oorspronkelijk niet voorkomt in die taal, dan is dat in het resultaat duidelijk te horen. De zinnen worden er minder goed verstaanbaar door.

REFERENTIES


aanvang document
Universiteit Utrecht Faculteit der Letteren Fonetiek Uw reactie

Laatst gewijzigd: 19 maart 1998 (MvD, HQ) / Hugo Quené